NL
Choose your language
 
Follow us on
Cultuur

Tahitiaanse vanille

La Vanille de Tahiti, tout un symbole
© tim-mckenna.com

Afkomstig van Mexico

Vanille, een plant uit de familie van de orchideeën die afkomstig is uit Centraal-Amerika, werd begin 16de eeuw door de conquistadors ingevoerd in Spanje. De plant was meteen heel geliefd door haar mooie bloemen, maar dreef de plantkundigen lange tijd tot wanhoop. Omdat de plant niet meer kon worden bevrucht door de Meliponas-bij, een Mexicaanse inheemse soort, bracht ze geen peulen meer voort! Het was pas in 1841 dat een jonge slaaf van La Réunion een techniek voor kunstmatige inseminatie ontwikkelde, die ervoor zorgde dat de plant zichzelf kon bevruchten en peulen vormen.

Introductie in Polynesië

Vanilleplanten zijn geen inheemse soort in Polynesië. Ze werden in 1848 door een Franse admiraal geïntroduceerd. Doordat de geïmporteerde soorten zich aanpasten aan hun nieuwe omgeving, verkregen ze unieke eigenschappen en ontstond er een nieuwe ondersoort, met als wetenschappelijke naam: Vanilla tahitensis. Die planten waren in het begin erg gegeerd als bloemen voor de Polynesische tuinen. Pas in 1880 werd er een begin gemaakt met de grootschalige teelt van de peulen, die in de jaren 1950 een hoogtepunt zou bereiken. Tegen die tijd was Tahitiaanse vanille, na kopra, het belangrijkste exportproduct van wat dan werd genoemd de Franse factorijen in de Stille Zuidzee.

Unieke variëteit

Van de drie variëteiten vanille, die van Madagascar, La Réunion en Tahiti, heeft laatstgenoemde het rijkste aroma. De wetenschap ging er lang van uit dat Vanilla tahitensis een kruising was tussen Vanilla planifolia en Vanilla pompona. In werkelijkheid is het veeleer een ondersoort van Vanilla planifolia.
In tegenstelling tot de Vanilla fragrans-variëteit, gaan de peulen van Vanilla tahitensis in het Polynesische klimaat niet open als ze rijp zijn en blijven ze dus vlezig. Bijgevolg kunnen ze worden geoogst als ze rijp zijn, op het hoogtepunt van hun smaak en aroma. Bij zogeheten 'gewone' vanille gaan de peulen open als ze rijp zijn. Ze moeten dus worden geoogst voor ze rijp zijn, waardoor ze kwaliteit en aroma verliezen.

Aroma uniek in de wereld

In tegenstelling tot andere variëteiten bevat Tahitiaanse vanille grote hoeveelheden verbindingen met een anijssmaak die kenmerkend zijn voor haar aroma, waaronder anijszuur. Para-hydroxybenzoic-zuur is ook in een groot deel van de plantenpopulatie teruggevonden. Vanilline daarentegen komt in veel kleinere hoeveelheden voor. Ook de aanwezigheid van anijsaldehyde en methylanisaat zijn vastgesteld, twee krachtige smaakmakers. Het is dus de combinatie van al die verbindingen samen die heeft bijgedragen tot de kracht en de originaliteit van het aromatische bouquet waarvoor Tahitiaanse vanille zo bekendstaat.

Een "luxevanille"

Dankzij haar kwaliteiten en zeldzaamheid (minder dan 1% van de totale vanilleproductie wereldwijd) wordt Tahitiaanse vanille algemeen beschouwd als een "luxevanille" en zeldzame specerij. De peulen worden veel gebruikt in allerlei cosmetische producten dankzij hun rijkdom aan polyfenolen, die de lichaamscellen beschermen tegen vrije radicalen. Ze worden ook gebruikt bij de samenstelling van allerlei parfumerieproducten.
Maar het is op het gebied van de gastronomie en patisserie dat de plant bijzonder gezocht is. Vele vooraanstaande Parijse patissiers reizen persoonlijk naar Tahiti om hun voorraad van deze specerij in te slaan.

Kweken van de planten

De meest voorkomende soort, Vanilla tahitensis, wordt bijna uitsluitend gekweekt op de Benedenwindse Eilanden. Vanilla fragrans daarentegen tref je op de Australeilanden aan. De vanilleplantages zijn hoofdzakelijk geconcentreerd op de Benedenwindse Eilanden en in het bijzonder op de eilanden Taha'a, Raiatea en Huahine. Er zijn er ook heel wat op de Markiezeneilanden, Tahiti en Moorea. Maar de belangrijkste locatie voor de vanilleteelt is ongetwijfeld het eiland Taha'a, ook bekend als "vanille-eiland".
De vanilleplant is namelijk een schaduwplant die het best gedijt in een bosrijke omgeving. Ze doet het goed in valleien, vochtige gebieden die beschut zijn van de wind en een beperkte hoeveelheid zonlicht genieten.
Om te groeien en bloeien heeft de vanilleplant een steun nodig waar ze zich aan kan vasthechten, en een natuurlijke ondergrond, zodat haar wortelstelsel zich kan ontwikkelen.
De vanilleplant, een soort klimorchidee met dikke, lange, vlezige bladeren, draait zich dan rond haar steun, dikwijls een struik genaamd piti'i of een boom zoals de aleurites moluccana of ti'a'iri.
De laatste jaren wordt ook de 'onder-de-schaduw'-techniek gebruikt om intensiever te kunnen kweken. Daarbij bevestigt men vanillestekjes aan cementen steunen beschut door een schaduwnet en rondom beschermd door een insectennet.

Het "huwelijk" van Tahitiaanse vanille

De bestuiving van Tahitiaanse vanille moet manueel gebeuren. Deze techniek van kunstmatige bevruchting noemt men het "huwelijk" en wordt uitgevoerd tijdens de bloeiperiode van juli tot oktober. Daarbij scheurt men het vlies dat de mannelijke en vrouwelijke organen van de bloem scheidt, de stempel en de meeldraden, zodat die met elkaar in contact komen. Dat is uiteraard echt precisiewerk. Omdat de bloemen maar een levensduur van een paar uur hebben, moeten ze worden gehuwd onmiddellijk als ze open zijn, meestal tussen 6 uur 's morgens en 2 uur 's middags. De vruchten die uit deze bestuiving voortkomen, zijn peulen van ongeveer 15 tot 20 cm lang.

Les senteurs et saveurs uniques de la Vanille de Tahiti
© Grégoire LE BACON

Een lang voorbereidingsproces

9 tot 10 maanden na het "huwelijk" worden de peulen lichtgroen, daarna geel en uiteindelijk bruin aan de uiteinden. Dan is het tijd voor het manuele oogst, die van maart tot juli plaatsvindt. Van zodra de peulen geoogst zijn, worden ze overgebracht naar de vanillebereiders, op wie nog een lange taak wacht. Eerst laten ze de peulen ongeveer vijf dagen in het donker liggen tot ze uniform bruin zijn geworden. Dan begint het drogen. Iedere dag worden de peulen een paar uur blootgesteld aan de zon. Dan worden ze te drogen gelegd in een droge, goed geventileerde ruimte. De bedoeling is dat de peulen ongeveer driekwart van hun water verliezen zonder helemaal uit te drogen. Dat is een delicate en belangrijke operatie, aangezien het in dat stadium is dat de aroma's zich ontwikkelen. Na minstens 3 maanden (7 maanden  voor de grootste peulen) kan de Tahitiaanse vanille eindelijk op de markt worden gebracht.

Belangrijkste getallen

Ongeveer 1400 vanilleproducenten.
Een 12-tal vanillebereiders.
Ongeveer 200 hectare vanilleplantages.
Jaarlijkse productie van 10 tot 12 ton vanille.
Jaarlijkse export van 9 tot 11 ton vanille.
Belangrijkste exportlanden: Verenigde Staten, Frankrijk, Duitsland en Japan.
Verkoopprijs per kilo bereide vanille: 20.000 CFP-frank (160 euro) tot 30.000 CFP-frank (259 euro), afhankelijk van het jaar.
Belangrijkste productielocaties: Taha'a, Raiatea en Huahine.

Bloeiperiode en oogst

Bloeiperiode en "huwelijk" van de vanille: juli tot oktober.
Oogst van de rijpe vanille: maart tot juli-augustus.

close